Manifest Koiné: de taalkwestie in Catalonië

De taalkwestie in Catalonië

De taalkwestie in Catalonië is een heikel punt in de samenleving en een beladen thema. Taal is vaak nauw verbonden met de ontvoogding van een regio, ook in Catalonië, maar haar tweetalige statuut en samengestelde bevolking maken dit extra complex. Waarom?

Tweetaligheid of taalstrijd?  

In het dagelijkse leven in Catalonië wordt er Catalaans én Spaans gesproken. Omdat het gros van de autochtone bevolking tweetalig is en 99% Spaans kent, is er puur communicatief gezien geen probleem. Beide talen zijn ook officieel, wat inhoudt dat men zich er ook administratief gezien op kan beroepen. Zowel Catalaans als Spaans zijn een basisrecht, al stelt de Spaanse Grondwet[1] dat iedereen Spaans moet kennen. Straffe verhalen over Spanjaarden die weigeren Catalaans te leren of Catalanen die weigeren je in het Spaans aan te spreken zijn goede (en waargebeurde) anecdotes voor een krantenartikel, maar weerspiegelen niet de realiteit van vreedzaam samenleven.

Een van de belangrijkste vraagstukken bij de bepleiters van een onafhanklijke Republiek Catalonië is de taal: behoudt men de tweetaligheid of gaat men in de toekomst volop voor het Catalaans? Het Manifest Koiné, een publicatie uit 2015, was onlangs onderwerp van een parlementair debat in Catalonië en is een pleidooi voor een eentalig Catalonië, zo suggereert de titel van het document:  Voor een waarachtig proces van taalkundige normalisatie in een onafhankelijk Catalonië[2]. Door taalkwestie naar het halfrond te brengen,  kreeg het debat de vorm van een taalstrijd met een politiek karakter.

Taalgrens wordt landsgrens en vice versa

De groep Koiné [3] ziet in het Catalaans een sociaal bindmindel voor alle inwoners van de regio. Omdat taal nu eenmaal zo nauw verweven is met identiteit, zou het logisch zijn dat iedereen zich op termijn identificeert met het Catalaans, en dat kan alleen door de officialiteit van het Spaans af te schaffen.  Men beroept zich op het feit dat Catalaans de enige echte taal van de regio is, want het Spaans werd  geïmporteerd en opgedrongen. Men moet daarom, van zodra dat kan, opnieuw de taalgrens koppelen aan de landsgrens.

Opnieuw, want volgens het Manifest, werden beide grenzen ten onrechte van de kaart geveegd door de Spaanse overheersing vanaf 1714. Toen verloor Catalonië al haar statuten en werd het Spaans opgelegd als administratieve taal. Maar vooral de 20ste eeuw, en met name de dictatuur van Franco, legde de definitieve strop rond de taal. Zij zien een eentalig Catalonië daarom niet als een vernauwing van een pluralistische maatschappij, maar wel als een historische correctie.

Een bedreigde taal?

Om te begrijpen waar de wortels liggen van deze argumentatie moeten we even terug in de tijd. Catalaans is de endogene taal van de regio, ontstaan in de 12e eeuw en eeuwenlang de voertaal, zowel tussen de mensen onderling als op politiek administratief niveau. In 1714[4] verloor Catalonië het voorrecht om het Catalaans te gebruiken als officiële taal. Catalaans leefde nadien vooral verder in de rurale gebieden. Het geïndustralieerde en stedelijke Catalonië adopteerde het Spaans tot in de hoogste kringen. Bovendien kende de welvarende regio in de 19e eeuw een eerste golf van Spaanse economische immigranten. Onder invloed van het romanticisme en het verlangen om terug te keren naar de roots van een natie – met taal als symbool voor de eigen identiteit –  , ontstond er evenwel een Catalaanse Verlichting, de Renaixença genaamd: een groep van Catalaanse intellectuelen, schrijvers en kunstenaars, die de taal vanonder het stof haalden en terug naar de stad en het academische leven brachten. Catalaans werd tijdens de Tweede Republiek (1931-1939) opnieuw een officiële taal, en niet onbelangrijk, ook de onderwijstaal. De dictatuur van Franco maakte echter hardhandig komaf met die prille emancipatie. Een feit dat gedurende 39 jaar zwaar bewaakt werd. In die periode verhuisden nog eens 2,5 miljoen Spaanstaligen naar Catalonië. In 1978, met Spanje als parlementaire democratie,  verwierf Catalonië het statuut van officiële tweetaligheid en sedert 1992 is Catalaans de onderwijstaal in het officiële onderwijs. Men schat dat een derde van de bevolking Catalaans als moedertaal[5] heeft. In zeer vele gevallen zijn families volstrekt tweetalig, een feit dat te verklaren valt door de veelvuldige gemende partnerrelaties.

Een gesubsidieerde taal

Verschillende instellingen, waaronder de Consorci de la Normalització Lingüística, l’ Institut d’Estudis Catalans en , l’Institut Ramón LLull bestuderen, bewaken en propageren het Catalaans. En men kan tegenwoordig (vrij goedkoop) op zeer veel plaatsen Catalaans als 2e  of vreemde taal studeren, flink gesubsidieerd door de lokale overheid. Catalaans is heden niet meer de boerentaal  waar ze ooit toe verbannen werd, maar werd de voorbije decennia de taal van een begoede en goed opgeleide middenklasse, een groep die ook beschikt over de intellectuele vermogens van de regio. Spaans als voertaal is nu vooral de taal van de lagere klassen en de immigranten.

Taalrealisme en -opportunisme verhinderen een nieuwe taalrealiteit         

Dat het Catalaans zich meer dan behoorlijk hersteld heeft, is pure taalrealiteit. Dat de dragers van de taal tegelijkertijd de “eigenaars” zijn van een taalpolitiek die steeds meer gewicht legt bij het Catalaans, is een garantie voor haar voortbestaan en verspreiding. Het onderwijs in het Catalaans zal er op (vrij korte) termijn voor zorgen dat de groep Spaans- of anderstaligen die de taal nog niet machtig zijn, steeds kleiner zal worden. Een maatschappij die jobkansen verbindt aan talenkennis, maakt van een taal ook een economisch instrument, en de bevolking is daar niet naïef in.

Toch is de taalrealiteit, de steeds dominantere positie van het Catalaans (zeker als het om kwaliteitsvolle opleidingen en jobs gaat), niet hetzelfde als taalrealisme. De helft van de bevolking heeft als moedertaal Spaans en identificeert zich nog sterk met Spanje. Immigranten – 20% van de bevolking- ,  waaronder ook de meeste Europeanen, hebben de neiging eerst (en vaak alleen) Spaans te leren.  In Barcelona en de toeristische gebieden overheerst het Spaans of is ze in ieder geval de eerste communicatietaal. Idem voor de meeste grote bedrijven.  Zelfs de uitheemse voetballers van één van de grootste symbolen voor de Catalaanse identiteit, FC Barcelona, drukken zich na jaren in de club nog steeds uit in het Spaans (een voorbeeld: Messi woont al sedert 2000 in Catalonië maar heeft zich op een persconferentie nog niet één keer uitgedrukt in het Catalaans). Het taalrealisme dwingt ertoe toe te geven dat er in het Catalaanse taalbeleid dus nog heel wat hiaten zitten, omdat het Spaans nodig blijft als communicatietaal. Dit taalopportunisme is wellicht de grootste rem op de slaagkansen van het Catalaans als instrument voor de sociale cohesie, zoals het Manifest bepleit.

Eentaligheid opdringen kan een stap zijn om die ambigüiteit weg te nemen. Volgens het Manifest is dat de enige weg. De bevolking is er, net zoals het parlement, verdeeld over. Wil het Catalaans afgeraken van haar positie als salontaal, dan moet ze zeker eerst als “naturel” ervaren worden door vrijwel iedereen. Maar dan zal ze ook bevrijd moeten worden van haar minderwaardigheidscomplex, alsook de durf hebben zich als volwaardig op te stellen. We zijn pas zo ver de dag dat Messi het goede voorbeeld geeft.   (Sarah De Vlam©2016)

Interesseren de Cataluña en de Catalaanse kwestie je? Neem ook eens een kijkje op www.lenguaypaisaje.info, een website die Catalonië in de kijker zet en nog meer columns bevat over de Catalaanse kwestie.

[1] REFERENTIE: Artikel 3 van de Spaanse Grondwet stelt dat het Spaans door alle Spanjaarden gekend moet zijn.  “Artículo 3 El castellano y las demás lenguas españolas 1. El castellano es la lengua española oficial del Estado. Todos los españoles tienen el deber de conocerla y el derecho a usarla. 2. Las demás lenguas españolas serán también oficiales en las respectivas Comunidades Autónomas de acuerdo con sus Estatutos. 3. La riqueza de las distintas modalidades lingüísticas de España es un patrimonio cultural que será objeto de especial respeto y protección.” Bron: Constitución Española, 2015.

[2] Vertaling vanuit het Catalaans. Originele titel: PER UN VERITABLE PROCÉS DE NORMALITZACIÓ LINGÜÍSTICA A LA CATALUNYA INDEPENDENT

[3] De groep Koiné is in 2015 opgericht door een groep voorname Catalaanse taalkundigen die zich zorgen maken over de toekomst van het Catalaans. Hun belangrijkste verwezenlijking is het Manifest Koiné, ondertekend door ruwweg 250 literaire en taalkundige invloedrijke persoonlijkheden. Eind maart 2016 vormde de tekst het thema van een parlementair debat, waarna de verschillende politieke partijen zich verplicht zaken een uitspraak te doen over de taalkundige toekomst van een virtueel onafhankelijk Catalonië.

Manifest_Koine

[4] In 1714 verloren de Catalanen in de successieoorlog met Spanje. De Catalanen hadden als nieuwe kroonkandidaat voor Spanje een federalist gesteund, terwijl de meeste Spanjaarden aanhangers waren van een kandidaat die het centralisme aanhing (Felips V). Na die nederlaag werd een decreet uitgevoerd, de Nueva Planta, waarin alle Catalaanse instellingen werden afgeschaft en ook de taal verboden werd in de admininstratie.

[5] 31% van de Catalaanse bevolking beschouwt Catalaans als de moedertaal ten opzichte van 55,1% die Spaans als hun moedertaal beschouwt. Bron: Ara, 17/4/2016, Dossier Informe sobre la Llengua, pp 6-17.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>